Beeldenstorm

Een beeldenstorm is de vernieling op grote schaal van beelden en andere objecten, in de Westerse geschiedenis slaat de term op de verzamelnaam voor een reeks vernielingen van katholieke heiligdommen in tal van landen van Europa, waartoe de opkomst van het protestantisme aanleiding gaf: in 1522 te Wittenberg, in 1523 te Zürich, in 1530 te Kopenhagen, in 1534 te Münster, in 1535 te Genève, in 1537 te Augsburg, in 1559 in Schotland en ten slotte in 1566 in Frankrijk en de Nederlanden. 

Vooral de vernielingen in de Lage Landen, die plaatsvonden tussen 10 augustus en oktober 1566, leken op een storm, waarbij in drie weken tijd vele honderden kerken onherstelbaar geschonden en vernield werden. Indirect leidde de beeldenstorm tot het uitbreken van de Tachtigjarige Oorlog en het ontstaan van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Vanaf half augustus 1566 woedde in de Nederlanden de Beeldenstorm. De burgemeesters van de Leiden hadden, veront­rust door berichten uit andere steden, op zondag 25 augustus een vergade­ring belegd. De kosters van de drie Leidse kerken kregen opdracht de deuren van de godshui­zen gesloten te houden.

De Leidse schutterij werd bereid gevonden de kerken te bewaken. Ondanks deze voor­zorgsmaatrege­len drongen de beeldenstormers in de nacht van 25 op 26 augustus de O.L.–Vrouwekerk binnen. Later op de dag viel ook de Pieterskerk aan de menigte ten prooi. Altaren werden geschonden en de marmeren beelden van de twaalf apostelen aan de pilaren van het koor werden vernield. De deur van de sacristie kregen de stormers echter niet opengebroken. 

Tijdens de beeldenstorm werd de inventaris van honderden katholieke kerken, kapellen, abdijen en kloosters geroofd of vernield. Altaren, beelden, doopvonten, reliekschrijnen, koorgestoelten, preekstoelen, orgels, kelken, schilderijen, kerkelijke boeken en gewaden moesten het ontgelden. Zelfs het stucwerk aan de binnenkant werd soms vernield door woedende menigten.

Het altaarstuk van Lucas van Leyden en de Leidse Koorboeken konden worden gered.